Tekstgrootte A A A
dhr-en-mw-vluggen

100e door de bloedgroep heen transplantatie is een feit

Toen de heer Vluggen zes jaar geleden er per toeval achter kwam dat hij cystenieren had, aarzelde zijn echtgenote geen moment om haar nier te doneren. Het werd de 100e door de bloedgroep heen transplantatie. Reden genoeg voor een interview over deze bijzondere gebeurtenis.

‘Ergens was ik er wel op voorbereid, want cystenieren komen in mijn familie voor. Mijn moeder en mijn oom hebben ze ook. Ik moest een scan ondergaan voor iets anders, en toen zagen ze dat ik ze ook had’, vertelt de heer Vluggen. Cystenieren zijn nieren waarop vochtblazen zitten die de werking van de nieren (ernstig) verstoren. Uiteindelijk is nierfunctie vervangende therapie nodig.

Mevrouw Vluggen vertelt: ‘Ik heb geen moment geaarzeld om mijn nier aan mijn man te doneren. Ik ben daarom samen met mijn man in het UMC Maastricht het transplantatietraject ingegaan als donor’. Helaas bleken hun bloedgroepen niet te matchen, een van de voorwaarden voor een directe nierdonatie. De heer Vluggen vult aan: ‘Na overleg met de nefroloog in Maastricht bleek dat ik een goede kandidaat was voor transplantatie door de bloedgroep heen (ABO-incompatibele transplantatie, kortweg ABOi). In Maastricht wordt niet ‘door de bloedgroep heen getransplanteerd’, en het Erasmus MC Rotterdam heeft in Nederland de meeste ervaring met dit type transplantatie .’

De screening van mevrouw Vluggen als nierdonor was helaas niet ‘even zomaar’. ‘Ze ontdekten een steentje in mijn nier, waardoor ik een nierbiopt (men neemt dan een klein stukje van de nier weg voor onderzoek, red.) in Rotterdam moest ondergaan, dat was wel even schrikken. Gelukkig was alles goed en kon de donatie gewoon doorgaan’. Er was wel haast bij geboden want dialyseren stond voor de deur. ‘Gelukkig kon ik nog net voordat ik moest dialyseren geopereerd worden’, aldus dhr. Vluggen.

De procedure voor ABOi transplantatie is anders dan een ‘gewone’ directe niertransplantatie. De afweerremmende medicijnen worden al 2 weken voorafgaand aan de operatie gestart. Ook wordt er een extra medicijn gegeven om de afweer te onderdrukken. Verder moeten de antistoffen in het bloed van de ontvanger tegen de bloedgroep van de donor eruit gefilterd worden. Dit doet men door een soort van dialyse, maar dan met een extra filter ertussen om die antistoffen eruit filteren. Hoe meer antistoffen de ontvanger in zijn bloed heeft, hoe vaker dit filteren moet gebeuren. ‘Ik hoefde maar 1 keer mijn bloed te laten filteren. vertelt de heer Vluggen.

De uiteindelijke transplantatie is goed verlopen. De heer Vluggen: ‘De transplantatie ging hartstikke goed. Ik werd wakker en voelde me gelijk heel goed. Ik had het altijd heel erg koud maar dat had ik ineens niet meer. Dat was eigenlijk het eerste besef dat ik me beter voelde. Het gaat nu 1 maand later goed met me.’ De operatie moest wel 1 keer worden uitgesteld. ‘Eigenlijk zou ik 23 februari worden geopereerd maar toen werd ik ziek, gelukkig waren we 17 maart weer aan de beurt en toen ging alles goed. We zijn erg tevreden over onze behandeling in het Erasmus MC. Veel onderzoeken werden op 1 dag gepland. Dat was erg prettig omdat we van zo ver moeten komen. Ook was het fijn dat de chirurg na de operatie langskwam.’ Mevrouw Vluggen: ‘Nog even een tip voor donoren: ik was na de operatie heel misselijk, geef dit aan. Ik kreeg een infuus en het was daarna gelijk over.’

Mevrouw Vluggen heeft de donatie ook als goed ervaren ‘Ik zou het zo weer doen als ik nog een nier over had. We hadden ons ook aangemeld voor cross-over donatie, maar we begrepen wel dat de kans op een goede match voor ons klein was. Daarom zijn we extra blij met deze mogelijkheid.’

Wanneer je een nieuwe nier hebt, moet je wel op een aantal zaken letten. De heer Vluggen vertelt: ‘Je moet nog wel letten op zout, maar omdat ik al zes jaar met een nierziekte heb geleefd, is dat voor mij geen punt.’ Ook voedsel hygiëne is belangrijk. ‘Het enige wat ik mis is dat ik geen onverpakt ijs meer mag eten, maar dat is een klein offer en daar valt goed mee te leven’, lacht dhr. Vluggen.

Bij ABOi niertransplantatie moet je 3 weken voor de operatiedatum naar het ziekenhuis voor een prik. Daarmee wordt je immuunsysteem platgelegd om te voorkomen dat de toekomstige donornier wordt afgestoten. ‘Ik heb wel de fout gemaakt te lang door te blijven werken voor de transplantatie. Na de prik was ik niet lekker en heb ik toch doorgewerkt. Dat zou ik de volgende keer zeker anders doen. Ik neem nu ook mijn rust om goed te herstellen.’

Reageer op dit artikel

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

*